Update
Uitspraken van 02-12-2025 tot 15-12-2025
Redactie: J.H. Gerards, H. Morre, J. Krommendijk, S. Lambrecht, P. Ölçer, B. Aarrass, L.E. Burgers, P. Cannoot, L.R. Glas, C. Mak, D.A.G. van Toor en C. Van de Graaf.
Geachte lezer,
Voor u ligt nieuwsbrief 22 van EHRC Updates. In deze nieuwsbrief treft u een overzicht van de nieuwste uitspraken aan.
Dit is de laatste EHRC Updates van 2025. De eerstvolgende Update volgt op dinsdag 27 januari 2026.
Veel leesplezier gewenst!
De redactie
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
-
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
In 2008 zijn stukken grond toebedeeld aan 109 individuen. Een deel van hen verkocht de grond door aan Kosmatska. Later is het gronduitgiftebesluit teruggedraaid wegens onregelmatigheden. De grond is vervolgens ook teruggevorderd op Kosmatska, zonder dat haar compensatie is aangeboden. Het EHRM overweegt dat Kosmatska te goeder trouw de grond heeft gekocht. Hoewel het redelijk kan zijn om bij onregelmatigheden de grond terug te claimen, is haar een disproportionele last opgelegd doordat zij geen compensatie heeft gekregen. Dit is oplosbaar door haar de grond te laten behouden, een ander stuk grond toe te kennen of een schadevergoeding te geven.
04-12-2025
(Zaaknaam: Kosmatska t. Oekraïne, ECLI:CE:ECHR:2025:1204JUD000995316, EHRC-2025-0263) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Een NGO heeft zich tot doel gesteld om het bredere publiek toegang te bieden tot informatie over de hoeveelheid militairen die jaarlijks in Armenië komen te overlijden buiten de actieve krijgsdienst. Zij heeft daarvoor gegevens opgevraagd bij het ministerie van Defensie. Dat verzoek is deels gehonoreerd, maar deels ook geweigerd. Het Hof acht evident dat art. 10 EVRM van toepassing op dit verzoek om toegang tot overheidsinformatie. Weliswaar betrof het een weigering vanuit overwegingen van nationale veiligheid, maar de nationale rechter heeft niet voldoende onderzocht of die overwegingen de toegangsbeperkingen allemaal konden rechtvaardigen. Daardoor is art. 10 EVRM geschonden.
04-12-2025
(Zaaknaam: Khaghaghutyan Yerkkhosutyan t. Armenië, ECLI:CE:ECHR:2025:1204JUD000549717, EHRC-2025-0262) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Fernandez Iradi is veroordeeld tot een lange gevangenisstraf. In 2012 is hij gediagnosticeerd met multiple sclerose, waarvoor hij in de gevangenis een behandeling krijgt. Verschillende verzoeken om beëindiging van de gevangenschap om medische redenen zijn afgewezen omdat de geboden zorg toereikend zou zijn. Het EHRM erkent dat de zorg in het algemeen voldoende is en benadrukt dat Iradi zelf tweedelijnszorg heeft geweigerd. Het oordeelt echter ook dat ten onrechte bepaalde neurologische consulten zijn onthouden en dat Iradi niet de noodzakelijke kinesitherapie heeft ontvangen. Daardoor is art. 3 EVRM toch geschonden, al betekent dat niet dat Iradi nu moet worden vrijgelaten.
04-12-2025
(Zaaknaam: Fernandez Iradi t. Frankrijk, ECLI:CE:ECHR:2025:1204JUD002342421, EHRC-2025-0260) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
In een insolventieprocedure zijn in een periode van zes jaar op nationaal niveau 15 uitspraken gedaan. Het EHRM heeft eerder de procedure ook al strijdig met art. 6 lid 1 EVRM bevonden. Het wijst er nu op dat sprake is geweest van een stapeling van fouten en onzorgvuldigheden in de nationale rechterlijke beoordeling die heeft gemaakt dat de procedure veel langer heeft geduurd dan nodig was. Die cumulatie leidt tot strijd met de redelijketermijneis van art. 6 lid 1 EVRM. Daarnaast is door alle vertragingen ook het eigendomsrecht (art. 1 EP EVRM) geschonden.
27-11-2025
(Zaaknaam: Vujovic en Lipa D.O.O. t. Montenegro (nr. 2), ECLI:CE:ECHR:2025:1127JUD004305022, EHRC-2025-0269) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Renouard heeft als tussenpersoon opgetreden voor de oprichting van een hogeronderwijsinstelling in de Verenigde Arabische Emiraten (VAE). Daarvoor was hem een honorarium toegezegd van twee miljoen euro. Toen betaling uitbleef, wilde Renouard hierover procederen, maar zijn beroep stuitte af op staatsimmuniteit van de VAE. De Franse rechters hebben de gemaakte afspraken zorgvuldig beoordeeld in het licht van de toepasselijke internationale verdragen en het gewoonterecht. Zij hebben goed gemotiveerd geconcludeerd dat de VAE een redelijk beroep kon doen op immuniteit van rechtsmacht. Het recht op toegang tot de rechter (art. 6 lid 1 EVRM) is dan ook niet geschonden.
27-11-2025
(Zaaknaam: Renouard t. Frankrijk, ECLI:CE:ECHR:2025:1127JUD004691121, EHRC-2025-0265) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
In 2011 werd in Italië een veiling van uitzendfrequenties georganiseerd waaraan Europa Way als nieuwkomer deelnam. De veiling werd vervolgens geschorst omdat de wetgever toch een andere procedure wilde inrichten. Later heeft het HvJ EU geoordeeld dat deze wettelijke ingreep onverenigbaar was met EU-recht, maar besloten is toch dat de oorspronkelijke veiling niet kon worden doorgezet. Het EHRM oordeelt dat bij deze gang van zaken niet is voldaan aan het vereiste dat een beperking van de vrijheid van informatievoorziening een rechtmatige wettelijke grondslag moet hebben. Dit is in strijd met art. 10 EVRM.
27-11-2025
(Zaaknaam: Europa Way S.r.l. t. Italië, ECLI:CE:ECHR:2025:1127JUD006435619, EHRC-2025-0259) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Selimi is in 2011 benoemd tot raadsheer in de Albanese Hoge Raad. Tijdens een ‘vetting’-procedure in 2017 heeft hij aangegeven dat hij geen contacten had met de georganiseerde criminaliteit. Uit een geheim rapport van de veiligheidsdiensten bleek echter iets anders. Om die reden is Selimi ontslagen. Het EHRM overweegt dat de procedure die tot het ontslag heeft geleid klager onvoldoende inzicht gaf in de feiten die aan de beoordeling ten grondslag lagen. Daardoor is het moeilijk voor hem geweest om zichzelf te verdedigen en was de procedure in algemene zin oneerlijk en strijdig met art. 6 EVRM.
25-11-2025
(Zaaknaam: Selimi t. Albanië, ECLI:CE:ECHR:2025:1125JUD003789619, EHRC-2025-0267) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
J.F. was drugsverslaafd en zat in de gevangenis. Mogelijk heeft hij daar een pot methadontabletten gestolen en heeft hij andere verdovende middelen geslikt. In ieder geval is hij overleden aan een overdosis van verschillende middelen. Het Hof overweegt dat de gevangenisautoriteiten de procedures en protocollen voor medische zorg niet helemaal nauwkeurig hebben gevolgd, maar zij hebben wel het nodige gedaan om J.F. de vereiste zorg te bieden. Bovendien was J.F. zelf grotendeels verantwoordelijk voor de overdosis en heeft hij medische zorg geweigerd. Gelet daarop acht het Hof art. 2 EVRM niet geschonden.
25-11-2025
(Zaaknaam: Rasmussen e.a. t. Denemarken, ECLI:CE:ECHR:2025:1125JUD000239024, EHRC-2025-0264) -
Europees Hof voor de Rechten van de Mens
Sinds een aantal veroordelingen door het EHRM wegens mensonterende gevangenisomstandigheden en overbezetting van gevangenissen heeft Roemenië actief ingezet op verbetering van de situatie. Zo heeft het ook een preventief rechtsmiddel geïntroduceerd dat gevangenen kunnen benutten die met slechte omstandigheden te maken krijgen. Het EHRM prijst Roemenië vanwege de verrichte inspanningen en de bereikte verbeteringen. Nu het preventieve rechtsmiddel effectief blijkt te zijn, moet dat steeds worden benut. Omdat gevangene Văscăuţanu dat niet heeft gedaan, is zijn klacht over schending van art. 3 EVRM niet-ontvankelijk.
18-11-2025
(Zaaknaam: Vascautanu t. Roemenië, ECLI:CE:ECHR:2025:1118DEC001012023, EHRC-2025-0268)
Hof van Justitie van de Europese Unie
-
Hof van Justitie van de Europese Unie
Op een onlinemarktplaats is een advertentie geplaatst waarin wordt gezegd dat X bereid is tot seksuele dienstverlening. De advertentie gaat gepaard met een foto en een telefoonnummer. X procedeert vanwege de daardoor geleden schade tegen exploitant Russmedia Digital. Het HvJ EU oordeelt dat in dit soort gevallen van verspreiding van gevoelige persoonsgegevens de exploitant als verwerkingsverantwoordelijke verplicht is de identiteit van de adverteerder te achterhalen. Als dat iemand anders is dan de dienstenaanbieder, dan moet de exploitant verzekeren dat die toestemming heeft gegeven. Daarnaast moet de verwerkingsverantwoordelijke technische maatregelen nemen die het kopiëren of reproduceren van online content kunnen blokkeren.
02-12-2025
(Zaaknaam: Russmedia Digital en Inform Media Press, ECLI:EU:C:2025:935, EHRC-2025-0266) -
Hof van Justitie van de Europese Unie
A.B. is in Oostenrijk opgekomen tegen zijn inschaling als ambtenaar, omdat daarbij perioden van vergelijkbare werkzaamheden in en buiten Oostenrijk niet zijn meegenomen. Hij stelt onder meer dat dit leidt tot schending van het verbod van discriminatie op grond van leeftijd. Het HvJ EU oordeelt dat in dit geval de regeling op veel factoren was gebaseerd die niets te maken hebben met leeftijd, zoals prestaties en bekwaamheden. Daardoor speelde leeftijd direct noch indirect een rol bij de inschaling, zodat art. 21 Hv en richtlijn 2000/78 zich niet tegen de regeling verzetten.
27-11-2025
(Zaaknaam: Kärntner Landesregierung (Promotion d’un fonctionnaire), ECLI:EU:C:2025:926, EHRC-2025-0261) -
Hof van Justitie van de Europese Unie
De Pools-Duitse Jakub Cupriak-Trojan en Mateusz Trojan zijn in Duitsland getrouwd en willen in Polen gaan wonen. Daar kan hun huwelijk echter niet worden erkend, omdat Pools recht geen huwelijken tussen personen van gelijk geslacht toelaat. Het HvJ EU overweegt dat het Unieburgerschap vergt dat echtgenoten van gelijk geslacht hun gezinsleven in een andere lidstaat vrijelijk moeten kunnen doorzetten; anders zou het risico ontstaan dat zij geen gebruik maken van hun vrijverkeersrechten. Daarnaast vergen art. 7 en 21 Hv dat een in een andere lidstaat gesloten huwelijk tussen personen van gelijk geslacht wordt erkend.
25-11-2025
(Zaaknaam: Wojewoda Mazowiecki, ECLI:EU:C:2025:917, EHRC-2025-0270)